vwo

 
 Algemeen
Algemeen

De vwo-afdeling telt  zes leerjaren en bestaat uit een atheneum en een gymnasium. Aan het einde van leerjaar drie kiest iedere leerling een profiel uit de Tweede Fase.

De vwo-afdeling kent een eigen profiel. De leerlingen moeten voorbereid worden op een wetenschappelijke studie. De daarvoor benodigde competenties staan centraal in de wijze waarop het vwo-onderwijs is ingericht. Het kennisniveau is daarbij een wezenlijk onderdeel. Het behalen van een goed kennisniveau is een taak van vakkundige docenten. Om een goed basisniveau te garanderen, zijn de vakken Nederlands, Engels en wiskunde in de klassen twee en drie determinerend.

Naast de gedegen basiskennis, wordt het accent gelegd op vaardigheden. Het streven is om de leerling meer eigenaar te laten worden van zijn leerproces. Daarvoor heeft hij diverse vaardigheden nodig, afhankelijk van de leerling. Het teamplan van het vwo rust daarom op drie uitgangspunten; autonomie, structuur en reflectie. Als het gaat om autonomie, is dat meer dan alleen keuzevrijheid. Er wordt geprobeerd om een leeromgeving te creëren die past bij de leerling. Voor de ene leerling betekent dat meer keuzemogelijkheden dan voor de andere. Bovendien heeft elke leerling een ander vaardigheidsniveau, waardoor het klassikaal aanbieden van vaardigheden minder effectief is. Ook wanneer kennis centraal staat in de lessen, wordt geprobeerd de leervraag van de leerling centraal te stellen.

Met het uitgangspunt structuur wordt bedoeld dat de kaders voor de keuzes worden bepaald door de school. Ook het proces wordt volgens vaste patronen doorlopen. Naast de structuur in het bieden van autonomie, wordt er ook gewerkt aan structuur in de lessen. Tot slot, wordt het leerproces geïnternaliseerd door reflectie. Pas wanneer je terugkijkt op je gemaakte keuzes en vervolgstappen bedenkt, beklijft het leren. De mentor speelt hierbij een belangrijke rol. Deze bevraagt de leerling naar de gemaakte keuzes en reflecteert samen met de leerling en ouders op deze keuzes.

De leerlingen ontvangen voor 1 oktober van het nieuwe schooljaar het examenreglement en het PTA (Programma van Toetsing en Afsluiting). Er zijn vier profielen in de bovenbouw: Cultuur en Maatschappij, Economie en Maatschappij, Natuur en Gezondheid, Natuur en Techniek. Elk profiel kent een verplicht gemeenschappelijk deel, een gekozen profieldeel met verplichte vakken, een keuzeprofielvak en een vrij deel. In het vrije deel kiezen de leerlingen van atheneum vier minimaal één vak. Meerdere vakken kan ook, maar alleen in overleg met de schoolleiding en met positieve advisering van de vakdocenten. Door gebruik te maken van de zogenaamde ‘geleide’ keuze, kunnen leerlingen aan het einde van leerjaar vier de overstap maken naar een ander profiel of examen doen in twee profielen. Het keuzeformulier voor vwo vindt u hier.

De leerlingen krijgen een actievere rol in het leerproces. De docent wordt meer begeleider. Er wordt een groter beroep gedaan op de zelfstandigheid en zelfwerkzaamheid van de leerling. De leerling wordt zo beter voorbereid op het universitair onderwijs en hoger beroepsonderwijs (hbo).

 

Afdelingsleiding

Afdelingsleiding

De afdeling vwo wordt geleid door teamleider de heer Hans Barmentlo. Hij wordt daarbij terzijde gestaan door de leerlingcoördinator de heer Perry D’Elfant. De heer D’Elfant is belast met de dagelijkse gang van zaken, zoals zaken die te maken hebben met lesroosters, cijfergeving en rapportage, aan- en afwezigheid, verlofaanvragen en leerlingengedrag. Daarnaast is hij belast met de algemene leerlingenbegeleiding.

Voor specifieke leerlingenproblematiek wordt de leerlingenbegeleider havo/vwo, de heer Pascal. Muller, ingeschakeld. Tot de specifieke leerlingenproblematiek worden zowel problemen op sociaal-emotioneel gebied als leerproblemen gerekend.

Het keuzeproces van de leerlingen wordt in eerste instantie begeleid door de mentor. De decaan, mevrouw Laurie Rademakers, is vervolgens aanspreekpunt van het keuzeproces van de leerlingen in vwo-3 en atheneum 4, 5 en 6. In de eindexamenjaren verzorgt de mentor de loopbaanoriëntatie, die moet leiden tot de juiste vervolgstudie op universiteit of hbo. Meer informatie over het decanaat vindt u hier.

De mentor is de spil in de begeleiding van de leerling. Bij hem komt alle informatie bijeen die van belang is voor een adequate begeleiding van de afzonderlijke leerling. Via hem kunnen zaken terecht komen bij de afdelingsleiding, de leerlingbegeleider, de decaan en de vakdocenten.

Opbouw van het onderwijs

Opbouw van het onderwijs

Van leerjaar één tot en met leerjaar drie krijgen de leerlingen te maken met alle vakken die ze in de bovenbouw kunnen kiezen zodat ze een gedegen keuze kunnen maken. In sommige vakken wordt gewerkt met een geperiodiseerd halfjaarrooster. Dat betekent dat niet in elke periode alle vakken worden gegeven. Deze beperking van vakken, moet leiden tot een efficiëntere aanpak, waardoor de leerlingen zich op minder vakken kunnen concentreren. De mentor en vakdocent zullen daarbij een begeleidende rol spelen.

 

Nieuwe exameneisen

Nieuwe exameneisen

Sinds 2016 zijn er op het vwo strengere exameneisen. Vanaf dat examenjaar moeten de leerlingen voor alle Centraal Examens gemiddeld een 5,5 scoren. Ook geldt de regel dat in de vakken Engels, Nederlands, Wiskunde en de rekentoets slechts éénmaal een vijf mag worden gescoord. In het taal- en rekenbeleid ligt vastgelegd dat leerlingen worden gescreend op hun taal- en rekenvaardigheden. Indien nodig, worden leerlingen vervolgens bijgespijkerd. Het examenreglement vindt u hier.

 

Toelating tot 5-vwo

Toelating tot het vijfde leerjaar vwo

Leerlingen die in het bezit zijn van een havo-diploma, kunnen de overstap maken naar de vijfde klas atheneum, indien zij aan de eisen van profielen en vakken voldoen. Ook voor deze doorstroming geldt dat elk verzoek tot toelating door een toelatingscommissie wordt beoordeeld. Het advies van de commissie zal afhangen van het gekozen profiel en vakken in verband met de inpassing van het examendossier. Daarnaast zal in haar besluit de motivatie van de leerling en het advies van de afleverende school of afdeling zwaar wegen. De overgangsnormering vindt u hier.

 

Afdeling Gymnasium

Afdeling Gymnasium


Algemeen

Het gymnasium betekent een atheneumopleiding met klassieke vorming: Latijn, Grieks en Klassiek Culturele Vorming (KCV). De leerlingen van het gymnasium krijgen meer lesuren te verwerken dan de leerlingen van het atheneum en zullen ook meer aan projecten deelnemen.

In het gymnasium wordt een accent gelegd op meertaligheid en vaardigheden zoals in het atheneumonderwijs. Wat de talen betreft zullen naast Nederlands, Engels en Latijn ook Frans, Spaans en Duits worden aangeboden. Daarbij is de voertaal tevens de doeltaal. Dat betekent dat de lessen gegeven worden in de moedertaal, voor zover dat mogelijk is.

Het Heerbeeck College geeft op deze manier invulling aan de klassieke opleiding en daagt leerlingen uit het beste uit zichzelf te halen. Dat vraagt van hen een studiehouding waarbij naast de individuele kenniscapaciteiten ook een beroep wordt gedaan op een breder scala van vaardigheden.