havo

Algemeen
Algemeen

Met inbegrip van leerjaar 1 telt de havo-afdeling vijf leerjaren. Het eerste leerjaar wordt doorgebracht in het brugklasgebouw en nadere informatie hierover vindt u bij de afdeling brugklas. In het laatste deel van het brugjaar laten we de leerlingen al mondjesmaat wennen aan lessen in het hoofdgebouw. In leerjaar 2 volgen de leerlingen alle lessen in het hoofdgebouw. De leerlingen zijn dan al aan onze school gewend omdat een klein aantal lessen in de eerste klas (zoals techniek en lichamelijke opvoeding) ook al in de vaklokalen van het hoofdgebouw plaatsvonden. Al meteen vanaf leerjaar een wordt het onderwijs zo goed mogelijk op de havoleerling afgestemd. Om dit te kunnen doen heeft het havo, dat bestaat uit twee teams van ongeveer twintig docenten die de meeste lessen binnen deze afdeling geven, een leerlingprofiel samengesteld.

– Onze havoleerlingen zijn spontane leerlingen die direct kunnen laten merken dat iets ze wel of niet bevalt. Leren doen ze het best en liefst aan de hand van concrete en gerichte opdrachten. Dan komt hun potentie het best tot recht;
– Ze kunnen en moeten zelfverantwoordelijk en zelfstandig leren werken maar ze moeten daarbij niet worden overvraagd;
– De havoleerling heeft duidelijke sturing, controle en structuur nodig. Ook is het regelmatig geven van feedback heel belangrijk voor hun leerproces;
– Ze zijn gebaat bij gevarieerde werkvormen die tijdig afgewisseld moeten worden.

Van groot belang voor deze leerlingen is het hebben van een concreet perspectief. Een leerling die weet wat hij/zij in de toekomst wil, is een gemotiveerde leerling met een redelijk grote kans van slagen. Vandaar dat hier in ruime mate aandacht aan wordt besteed. In de eerste twee leerjaren wordt daarom al aandacht besteed aan het ontwikkelen van het zelfbeeld en ook wordt een start gemaakt met het ontwikkelen van het toekomstperspectief (loopbaanoriëntatie).

In leerjaar 3 gaan de leerlingen hiermee verder en kiezen de leerlingen hun profiel voor de bovenbouw. Hier wordt de leerling op voorbereid door middel van het ontwikkelen van de loopbaancompetenties. De loopbaancompetenties komen o.a. aan bod tijdens de themaweek in Heerbeeckweek 1 (“What the vak to choose?”) met daarin o.a. het kwaliteitenspel, het beroepenspel, een workshop pitchen en een stagedag. Daarnaast worden de leerlingen begeleid in het ontwikkelen van hun loopbaancompetenties tijdens het programma voor loopbaanoriëntatie en –begeleiding (LOB): Toekomstdossier. Daarin worden allerlei opdrachten gemaakt die te maken hebben met de profielkeuze en het toekomstbeeld van de leerling. Verder wordt er tijdens periode 2 vakkenvoorlichting gegeven binnen alle vaklessen zelf en uiteraard is de ontwikkeling van het toekomstbeeld ook onderwerp van individuele gesprekken met de mentor. Vanzelfsprekend worden ouders bij deze keuze betrokken, via de informatieavond profielkeuze en via oudergesprekken. De leerlingen kunnen kiezen uit de volgende profielen: Natuur en Techniek, Natuur en Gezondheid, Economie en Maatschappij, en Cultuur en Maatschappij. Bij ieder profiel hoort een verplicht deel, een profieldeel en een vrij te kiezen deel. Alle vakken tellen mee voor de uitslag van het examen. De mentoren spelen hierbij een belangrijke rol.

In het vierde leerjaar begint de bovenbouw. Er wordt dan een groter beroep gedaan op de zelfstandigheid en zelfwerkzaamheid van de leerling. De toetsen worden in toetsweken georganiseerd, zodat deze situatie al enigszins lijkt op de situatie tijdens de examens. Ook maakt de leerling in leerjaar 4 kennis met het profielwerkstuk. Dit is een soort meesterproef waarin de leerling laat zien vooral de procesmatige kant van een grotere opdracht te beheersen. Deze meesterproef houdt in dat onze havoleerlingen in groepen samen met een bedrijf een probleem op gaan lossen. Dit probleem wordt door het bedrijf aangeleverd en is een realistisch probleem op havoniveau waarvoor het bedrijf graag een oplossing wil. Zowel vanuit school als vanuit het bedrijf wordt dit proces begeleid.

Leerjaar 5 is het echte examenjaar. Onderdelen van het examen worden al in het begin van leerjaar 5 getoetst. De organisatie van de toetsen lijkt zoveel mogelijk op die van het Centraal Schriftelijk Examen en de leerlingen besteden ruim de tijd aan examenvoorbereiding. De resultaten van de schoolexamens worden verzameld in het examendossier. De leerlingen ontvangen voor 1 oktober van het nieuwe schooljaar het examenreglement en het PTA (Programma van Toetsing en Afsluiting), te vinden op het intranet. Aan het einde van het vijfde leerjaar volgt het landelijke Centraal Schriftelijk Eindexamen (CSE). Havoleerlingen die hun examen hebben gehaald kunnen doorstromen naar het Hoger Beroepsonderwijs (hbo). Doorstromen naar klas vijf van het vwo vraagt extra inspanning omdat havoleerlingen een vak minder hebben dan vwo-leerlingen.

Afdelingsleiding


Afdelingsleiding

De afdeling havo wordt geleid door teamleider dhr. Koos Boer. Hij wordt daarbij terzijde gestaan door een leerlingcoördinator. Dat is mevrouw Maaike Hanssen en zij is belast met de dagelijkse gang van leerling zaken, zoals controle van en wensen m.b.t. lesroosters, cijfergeving en rapportage, aan- en afwezigheid, verlofaanvragen, leerlingengedrag. Daarnaast is zij belast met de algemene leerlingenbegeleiding.

Voor specifieke leerlingenproblematiek wordt de leerlingenbegeleider havo/vwo, dhr. Pascal. Muller, ingeschakeld. Tot de specifieke leerlingenproblematiek worden zowel problemen op sociaal-emotioneel gebied als leerproblemen gerekend.

Het proces van loopbaanoriëntatie (en daarmee voorbereiding op de profiel- en studiekeuze) van de leerlingen binnen onze school wordt in eerste instantie begeleid door de mentor. De mentor kan de leerling eventueel doorverwijzen naar de decaan, mw. Laurie Rademakers. Zij is het eerstvolgende aanspreekpunt voor alle begeleidingsvragen omtrent het keuzeproces van de leerling. Zij geeft in nauwe samenwerking met de mentoren het programma voor loopbaanoriëntatie vorm, dat samen met goede begeleiding door de mentor en het onderwijsprogramma moet leiden tot het ontwikkelen van een goed zelfbeeld en toekomstbeeld van de leerling. Dit moet uiteindelijk leiden tot een goede keuze voor een vervolgstudie. Meer informatie over het decanaat vindt u op de pagina decanaat havo.

De mentor van de afzonderlijke klassen fungeert als spil. Bij hem/haar komt alle informatie bijeen die van belang is voor een adequate begeleiding van de afzonderlijke leerling. Via hem/haar kunnen zaken terecht komen bij de afdelingsleiding, de leerlingbegeleider, de decaan en de vakdocenten.

Toelating

Toelating

Leerlingen die in het bezit zijn van een diploma mavo (vmbo-t) kunnen zich in principe aanmelden (wat niet hetzelfde is als daadwerkelijk worden toegelaten) voor de vierde klas van de havo. Verplicht is wiskunde in het vakkenpakket van de mavo, tenzij een leerling instroomt in het profiel C&M, dan vervalt de verplichting om wiskunde in het pakket te hebben. In het profiel C&M is een tweede moderne vreemde taal verplicht. Voor enkele profielen gelden nog aanvullende eisen. Meer informatie over alle zaken omtrent de vakkenkeuze vindt u op de pagina decanaat havo. Elk verzoek tot toelating wordt door een toelatingsadviescommissie beoordeeld. In haar besluit weegt het advies van de afleverende school of afdeling, ook wat betreft motivatie en attitude, erg zwaar.